Hallo Residentie
Envoyer par email Imprimer
content-picture
Publié le woensdag 26 januari 2011
**Résumé

Zoals elke dag vertrek je om 7 uur met de auto naar je werk. Eens op de autosnelweg word je misschien geflitst, maar zeker gefilmd. Om 8.30 uur kom je aan en rijd je de parkeergarage in van het bedrijf, je wordt gefilmd. Tijdens je middagpauze wil je nog vlug een boodschap doen in de drukke winkelstraat, je wordt gefilmd. Om 17 uur stop je bij de bankautomaat, je wordt gefilmd.

Zoals elke dag vertrek je om 7 uur met de auto naar je werk. Eens op de autosnelweg word je misschien geflitst, maar zeker gefilmd. Om 8.30 uur kom je aan en rijd je de parkeergarage in van het bedrijf, je wordt gefilmd. Tijdens je middagpauze wil je nog vlug een boodschap doen in de drukke winkelstraat, je wordt gefilmd. Om 17 uur stop je bij de bankautomaat, je wordt gefilmd. Om 17.30 uur breng je de kinderen naar de tennisclub, je wordt gefilmd. Om 18 uur ga je benzine tanken en ja, je wordt gefilmd! Eindelijk thuis en nee, je wordt niet gefilmd! Of toch?

Herkent u dit?

 

Bewakingscamera's zijn nu al een vertrouwd fenomeen. We voelen er ons aan de ene kant veiliger door maar aan de andere kant wordt ons dagelijks doen en laten voortdurend in beeld gebracht. Onze privacy is hierdoor flink aangetast.

Wie een bewakingscamera installeerde, moest tot nu toe de Privacywet naleven. Met de tijd is echter gebleken dat er een specifieke wet nodig was om de privacy van de burger optimaal te beschermen. Enkel op die manier kon men het best tegemoetkomen aan de belangen van alle partijen: de filmer en de gefilmde.

Daarom heeft het Parlement een wet gestemd die de plaatsing en ook het gebruik van bewakingscamera’s regelt. Deze Wet van 21 maart 2007 is gekend als de Camerawet.

Toch moet ook de Privacywet nog worden nageleefd in alle zaken die de bescherming van persoonsgegevens aanbelangen en die niet door de Camerawet zijn geregeld.

 

Wat is nu eigenlijk precies een bewakingscamera?

 

Volgens de camerawet is een bewakingscamera:

elk vast of mobiel observatiesysteem;

met de bedoeling:

? misdrijven te voorkomen, vast te stellen of op te sporen (bv. mede-eigenaar die vandalisme wil tegengaan in de inkomhal van een appartementsgebouw),

? of overlast te voorkomen, vast te stellen of op te sporen (bv. gemeente die wil beletten dat hangjongeren bepaalde straten of pleinen terroriseren),

? of de openbare orde te handhaven (bv. tijdens een jaarlijkse braderie);

dat alleen voor deze doelen beelden verzamelt, verwerkt of bewaart.

Deze definitie omvat het overgrote deel van de geplaatste camera’s. Andere camera’s moeten in principe de voorschriften van de Privacywet naleven. Een voorbeeld hiervan is een gemeente die een webcam hangt op het marktplein, louter om beelden van het plein te laten zien aan de burgers.

 

Wanneer moeten de voorschriften van de Camerawet worden nageleefd?

 

Er moeten twee voorwaarden vervuld zijn :

telkens als een bewakingscamera wordt geplaatst en gebruikt;

die een opdracht van bewaking en toezicht uitoefent.

Waar moet u rekening mee houden?

 

Wanneer u een bewakingscamera wil plaatsen en gebruiken, moet u rekening houden met het proportionaliteitsbeginsel.

Dit houdt in:

dat er een evenwicht moet bestaan tussen het belang van de verantwoordelijke voor de verwerking en het recht op de bescherming van het privéleven van de gefilmde persoon. Bijvoorbeeld: is het nodig dat er in de wachtkamer van een arts een camera wordt geïnstalleerd?;

dat de verwerking van de beelden passend en noodzakelijk moet zijn, m.a.w. de verantwoordelijke voor de verwerking moet nagaan of er geen andere maatregelen mogelijk zijn die minder ingrijpen in het privéleven van de gefilmde persoon. Het is bijvoorbeeld niet noodzakelijk dat een concertorganisator de ingang filmt van de concertzaal om erop toe te zien dat elke concertganger betaalt. Hij kan immers een of meerdere opzichters aan de ingang plaatsen die elke concertganger controleren op het bezit van een geldig toegangskaartje;

dat er geen overbodige beelden mogen verwerkt worden en dat de camera in principe niet mag gericht worden op een plaats waarvoor de verantwoordelijke voor de verwerking niet bevoegd is. Een dancinguitbater die een bewakingscamera plaatst mag zijn camera niet plaatsen in de richting van de straat, zodat hij eventuele amokmakers al van ver zou kunnen zien aankomen. Zulke beelden zijn niet alleen overbodig, want het overgrote deel van de weggebruikers is geen dancingbezoeker, laat staan een amokmaker, maar de uitbater is in principe ook niet gemachtigd om een publieke plaats zoals de openbare weg te filmen.

Uitzonderingen

 

Toch zijn er bepaalde bewakingscamera’s die de voorschriften van de camerawet niet moeten toepassen:

bewakingscamera’s die door een bijzondere wetgeving worden geregeld. De Voetbalwet is hier een voorbeeld van;

bewakingscamera’s ten overstaan van de tewerkgestelde, opgesteld op de bewaakte arbeidsplaats met het oog op veiligheid en gezondheid, bescherming van de goederen van de onderneming, controle van het productieproces en controle van de arbeid van de werknemer. In de privésector moet dan cao (collectieve arbeidsovereenkomst) nr. 68 worden nageleefd.

Het kan gebeuren dat op de arbeidsplaats zowel de Camerawet als cao nr. 68 over camerabewaking gelijktijdig worden toegepast. De praktijk wijst immers uit dat de beide doelen op hetzelfde moment aanwezig kunnen zijn en dat er vaak maar één camerasysteem gebruikt wordt. Een gekend voorbeeld is camerabewaking in een grootwarenhuis. Deze camera’s kunnen tegelijk dienen om toezicht te houden op de personeelsleden die de kassa bedienen en om misdrijven (bv. diefstal) te voorkomen, waarbij dan ook klanten gefilmd kunnen worden. Aan de ene kant moet de verantwoordelijke voor de verwerking dus de Camerawet eerbiedigen voor de personen die onder de Camerawet vallen (bv. de klanten) en aan de andere kant de Privacywet voor camerabewaking op de arbeidsplaats (het personeelslid dat de kassa bedient), met een aantal bijkomende vereisten als cao nr. 68 van toepassing is.

 

Waar mogen er bewakingscamera’s worden geplaatst?

 

De Camerawet heeft drie types van plaatsen voorzien en voor elke type plaats gelden andere of strengere voorschriften:

niet-besloten plaats: elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek.
Voorbeelden: de openbare weg, een marktplaats, een gemeenteplein, een park, …;

besloten plaats voor het publiek toegankelijk: elk besloten gebouw of elke besloten plaats die uitsluitend bestemd is voor gebruik door het publiek.
Voorbeelden: een handelszaak, shoppingcentra, grootwarenhuizen, een loketzaal van een bank, musea, een sportzaal, een restaurant, cafés, een kabinet van een dokter, …;

besloten plaats niet voor het publiek toegankelijk: elk besloten gebouw of elke besloten plaats die uitsluitend bestemd is voor gebruik door de gewoonlijke gebruikers.
Voorbeelden: een familiewoning, een appartementsgebouw (ook de gemeenschappelijke toegangshal), een kantoorgebouw (waar geen diensten aan het publiek worden aangeboden), fabrieken, …

Wanneer er twijfel bestaat over de soort plaats of als er verschillende plaatsen door eenzelfde camerasysteem worden gecontroleerd, zal het strengste regime van toepassing zijn. Zo zal bijvoorbeeld het regime van de voor het publiek toegankelijke besloten plaats moeten gehanteerd worden indien één camerasysteem zowel de frontoffice (de ruimte waar de klant staat) als de backoffice (de ruimte waar de bankbediende werkt) van een bank controleert.

 

Centrale figuur: de verantwoordelijke voor de verwerking

 

De verantwoordelijke voor de verwerking is dezelfde figuur als bij de Privacywet. Hij is dus de persoon die het doel en de middelen voor de verwerking bepaalt, hier het registreren van beelden. Het kan gaan om een natuurlijke persoon (bv. een arts), een rechtspersoon (bv. een bvba), een vereniging (bv. een sportclub) of een overheid (bv. de politie).

Het is de verantwoordelijke voor de verwerking die de wet moet naleven en verantwoordelijk zal gesteld worden wanneer de Camerawet wordt overtreden. Hij is bovendien ook contactpersoon zowel voor de gefilmde persoon als voor de controlerende overheid.

 

Gebruik van de beelden

 

De Camerawet schrijft ook voor op welke manier de beelden mogen bekeken worden en dit verschilt naargelang de soort plaats waar er wordt gefilmd.

Niet-besloten plaats

Wanneer de camera hangt op een niet-besloten plaats (bv. de openbare weg) mag men de beelden uitsluitend bekijken in real time onder de volgende voorwaarden:

onder toezicht van de politiediensten (een uitvoeringsbesluit kan dit uitbreiden);

om de volgende reden: opdat de bevoegde diensten onmiddellijk kunnen ingrijpen bij misdrijven, schade of ordeverstoring en in hun optreden optimaal kunnen worden gestuurd.

De beelden daadwerkelijk opnemen (op band of schijf) is uitsluitend toegestaan om bewijzen te verzamelen van overlast, misdrijven of schade en om daders, ordeverstoorders, getuigen of slachtoffers op te sporen en te identificeren.

Besloten voor het publiek toegankelijke plaats (bv. lokettenzaal van een bank)

Hier mogen de beelden uitsluitend in real time worden bekeken om onmiddellijk te kunnen ingrijpen bij misdrijven, overlast, schade of ordeverstoring.

De beelden daadwerkelijk opnemen (op band of schijf) is uitsluitend toegestaan om bewijzen te verzamelen van misdrijven, overlast of schade en ook om daders, ordeverstoorders, getuigen of slachtoffers op te sporen en te identificeren.

 

Bewaartermijn van de beelden

 

De beelden mogen volgens de Camerawet worden bewaard. De bewaartermijn is nooit langer dan één maand, behalve als opgenomen beelden kunnen dienen om een misdrijf of overlast aan te tonen of schade te bewijzen of om een dader, een ordeverstoorder, een getuige of een slachtoffer te identificeren. In dat geval mogen ze langer worden bewaard.

 

Pictogram en verbod om bepaalde beelden te verwerken

 

De verantwoordelijke voor de verwerking moet u verwittigen dat hij gebruik maakt van een bewakingscamera. Dit zal hij doen met een pictogram. Het Koninklijk Besluit van 10 februari 2008 tot vaststelling van de wijze waarop wordt aangegeven dat er camerabewaking plaatsvindt, voorziet een uniform model, zodat het voor u als burger altijd duidelijk is dat u wordt gefilmd. Op dit pictogram staan een aantal inlichtingen (o.a. de contactpersoon).

De bewakingscamera mag nooit stiekem of heimelijk worden gebruikt. De Camerawet verbiedt dit. Dit betekent dat u als gefilmde persoon altijd uw voorafgaande toestemming moet geven. Het feit dat u een plaats binnenkomt waar een pictogram u over gebruik van een bewakingscamera inlicht, wordt aangezien als een voorafgaande toestemming. Deze regel werd evenwel aangepast voor wat mobiele camera's betreft (zie hierna).

Bepaalde beelden mogen helemaal niet verwerkt worden, onder meer beelden die:

uw intimiteit schenden (denk maar aan een camera in de toiletten);

gericht zijn op het inwinnen van informatie over uw filosofische, religieuze, politieke, syndicale gezindheid, etnische of sociale origine, seksuele leven of gezondheidstoestand, (een bewakingscamera langs een drukke winkelstraat dient niet om het aantal gesluierde vrouwen te tellen die hun inkopen doen in een bepaalde winkel).

Voor verdere details betreffende het pictogram verwijzen wij naar de ministeriële omzendbrief van 10 december 2009.

 

Recht op toegang

 

Iedereen die gefilmd wordt, heeft een recht op inzage in de beelden. Dit recht kan natuurlijk alleen maar uitgeoefend worden als de beelden ook daadwerkelijk werden opgenomen.

Om dit recht uit te oefenen volstaat een gemotiveerd verzoek aan de verantwoordelijke voor de verwerking.

 

Formaliteit met betrekking tot niet-besloten plaatsen

 

Nog vóór u als verantwoordelijke voor de verwerking een bewakingscamera plaatst in een niet-besloten plaats, moet u een positief advies krijgen van de betrokken gemeenteraad. Hiertoe raadpleegt de gemeenteraad de korpschef van de betrokken politiezone.

De ministeriële omzendbrief van 10 december 2009 bevat verdere informatie aangaande dit positief advies en de raadpleging van de korpschef.

 

Aangifte van een bewakingscamera

 

Als u een bewakingscamera plaatst, dan moet u hiervan aangifte doen bij de Commissie. In het Koninklijk Besluit van 2 juli 2008 betreffende de aangiften van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's wordt hiervoor een specifieke elektronische aangifteprocedure voorzien. Er zijn verschillende mogelijkheden.

De Camerawet voorziet uitdrukkelijk in een specifiek formulier voor mededeling en overzending van de beslissing tot plaatsing van een bewakingscamera. Het formulier is bestemd voor zowel de Commissie als de korpschef van de politiezone waar de besloten plaats zich bevindt.

Deze thematische camera-aangifte gebeurt in de praktijk enkel via het e-loket van de Commissie. U dient dit te doen uiterlijk de dag vóór de ingebruikname van de bewakingscamera.

Deze aangifte geldt dus meteen ook als meldingsplicht aan de korpschef van de politie. De korpschef van de bevoegde politiezone kan via een zoekopdracht in het openbaar register (dat te raadplegen is via de website van de Commissie) nagaan welke besloten plaatsen in zijn politiezone reeds een thematische camera-aangifte hebben ingediend. Om ook de plaats(en) van verwerking te kennen en desgevallend het nummer van de alarmcentrale (die niet mee opgenomen worden in het openbaar register), kan de Commissie op aanvraag het volledige aangifteformulier aan de korpschef toezenden.

Het formulier bevestigt dat het gebruik van de bewakingscamera overeenkomstig de Privacywet gebeurt.

Bewaakte arbeidsplaats

De thematische camera-aangifte gebeurt via het e-loket van de Commissie. U dient dit te doen uiterlijk de dag vóór ingebruikname van de bewakingscamera.

Uitzondering op de aangifte

U moet geen aangifte doen wanneer u een bewakingscamera plaatst op een plaats die niet toegankelijk is voor het publiek en die alleen dient voor persoonlijk of huishoudelijk gebruik, dus in uw eigen woning.

 

Meer Info...